Pausanias Project


   Argolis - Phlious


De stad Phlious (vanuit Kiato te bereiken via het dorpje Titane) was in de oudheid een bloeiende stad, gelegen op één van de grotere vlaktes van het Korinthische binnenland. De akropolis bevond zich op een vrij lage heuvel, die een kleine 60 m. boven de vlakte uitsteekt, direct ten oosten van de rivier de Asopos. De top van de heuvel was versterkt, zoals valt op te maken uit de schaarse resten van een muur. De voornaamste zichtbare resten zijn de lager gelegen delen van een theater, met enkele resten van het toneel en vrijwel aangrenzend een groot gebouw met een peristyle binnenplaats (nu bekend als “paleis”. Hoger op de heuvel is nog antiek materiaal te vinden, hergebruikt in het kerkje voor de Panayia. Het opvallendste en in elk geval meest herkenbare element aan het “paleis” is de rij zuilbases van de binnenhof. Het theater is slechts met fantasie te herkennen.

Boven v.l.n.r. de akropolis van Phlious (2 x, middelste aanklikbaar voor een vergroting) en het kerkje van de Panayia. Rechts en onder, het “paleis” met de peristyle binnenhof. Helemaal rechtsonder, nogmaals het kerkje van de Panayia.

Voor het recentste onderzoek in  en rond Phlious, zie:  http://www.brynmawr.edu/archaeology/NVAP/Survey.htm en http://www.ascsa.edu.gr/pdf/uploads/hesperia/148266.pdf

Waar het zelf niet of nauwelijks kon bogen op een groots verleden, heeft Phlious redelijk succesvol een claim gelegd op de mythische geschiedenis van andere staten en volkeren. In één poging, gloedvol uitgedragen door de Griekse dichter Bacchylides (ong. 520 – 450 v. Chr.), worden Ajax en Achilles – haast de grootste helden van de Trojaanse geschiedenis – voor Phlious geclaimd. Zeus had namelijk volgens een algemeen bekende mythe de nimf Aegina geroofd, een dochter van de riviergod Asopos, en haar meegenomen naar een onbewoond eiland, waar hij met haar sliep en zij zwanger raakte. Haar zoon Aiakos groeide voorspoedig op, maar omdat hij zich eenzaam voelde, vroeg hij Zeus om de talloze mieren van het eiland in mensen te veranderen. Zo geschiedde, en Aiakos gold hierna als heerser over de Miermensen, de Myrmidonen.  Van Aiakos stammen Peleus en Telamon, van wie Peleus nog vele avonturen zou beleven. Zo veroverde hij o.a. samen met Herakles voor de eerste keer de stad Troje, maar ook zou hij met de zeegodin Thetis trouwen, bij wie hij Achilles verwekte, de machtigste Griek voor Troje. Telamon werd de vader van Ajax, de één na machtigste Griek voor Troje. Door te hameren op de roem van Ajax en Achilles, die uiteindelijk afstamden van de rivier Asopos, kon Phlious zich baden in de glorie van die helden. Wel jammer dat ook bij Thebe een rivier de Asopos stroomde!




Boven: de Asopos bij Phlious, rechts duel tussen Achilles en de Trojaanse strijder Hector.

In zijn propaganda richtte Phlious zich sterk op het Zeus-heiligdom van het nabije Nemea, zoals te zien is op vrijwel al z’n klassieke munten, waar altijd een stier op staat, die zich als offer aan Zeus voorover buigt en het onvermijdelijke aanvaardt. Op de verso zijde een wiel als symbool voor z’n handelsroutes over land.