Pausanias Project


Elis: Kyllini en omstreken

Van grote interesse bij Kyllini zelf is het kerkje van het klooster van Vlakhernai net buiten het moderne stadje. Gebouwd rond 1200 vormt dit kerkje een fraai mengsel van Byzantijnse en westerse (Frankische) techniek. De meest waarschijnlijke verklaring voor dit gebouwtje is dat toen Franciscaner monniken in 1205 ter plekke arriveerden, ze een half afgebouwd kerkje aantroffen en het toen verder naar eigen smaak, maar wel door lokale bouwvakkers hebben laten afmaken. Het kerkje (sinds 1989 gerestaureerd na enige aardbevingsschade) is vanwege vele fraaie details het bekijken meer dan waard. Het klooster fungeert momenteel als tehuis voor geestelijk gehandicapten, maar is gewoon toegankelijk.

Bijzonder zijn ook de resten van de Gothische kerk van de Agia Sophia in Andravída, rond 1250 gebouwd door de Dominicanen. Andravída wordt in de z.g. Kronieken van de Morea (waarin o.a. wordt verhaald van de verovering van Griekenland door Godfried de Villehardouin) geroemd als “beste stad van de Morea”, ondeer meer omdat hij in de vlakte lag. Oorspronkelijk moet de Gothische kerk van Andravída deel hebben uitgemaakt van een kloostercomplex, maar daar is niets meer van over. Aangezien de andere Westerse kerken in Griekenland (Zaráka en Tripití) nog meer te lijden hebben gehad, is van de Gothische gewelftechniek nog slechts dit kleine restant terug te vinden.

ANDRAVIDA

LOUTRA KYLLINIS

Bij het dorpje Loutra Kyllinis zijn met name de hete zwavelbronnen van belang, die in de oudheid hebben geleid tot de bouw van een Romeins badhuis, maar die ook in het huidige dorpje van belang zijn. Bij de restanten van het Romeinse badhuis treft men geregeld mensen aan, die zich met de zwavelhoudende modder insmeren, om die na verloop van tijd ook weer af te spoelen. Daar liggen ook de oude moderne baden.

Kyllini, de oude havenstad van Elis, is niet met volledige zekerheid geïdentificeerd. De antieke resten bij het moderne stadje zijn dusdanig schamel, dat er vaak aan getwijfeld is, of de antieke stad hier wel moet worden gezocht, of een stuk noordelijker. Toch gaat o.a. Papachatzis ervanuit dat de identificatie wel terecht is. De middeleeuwse resten zijn interessanter, alhoewel de oude hoofdstad Clarentia van het “Prinsdom Achaia” na de Byzantijnse verovering (1430) dusdanig grondig is gesloopt, dat er van de Frankische glorie weinig of niets meer resteert. Nog altijd de moeite waard zijn de restanten van een grote Gothische basilica en het kleine kasteel, dat ooit aansloot op de stadsmuren. De restanten van dit kasteel zijn vooral vanuit de lucht nog tamelijk indrukwekkend. Oorspronkelijk was Clarentia (Grieks: Glarenza) een belangrijke havenstad, met een eigen munt en kasteel. Aangezien het kasteel geen sterke positie innam, hebben de Franken op een 6 km. afstand het enorme kasteel van Chlemoutsi gebouwd (op de kaart aangegeven als Kastro).